Agility kent veel toestellen. Op zich mag je natuurlijk ieder commando gebruiken wat je wilt. Maar dat is echter niet bevordelijk voor de communicatie tussen jou en je hond Indien je met stemcommando's wilt werken zorg er dan voor dat je hond de commando's ook echt kent (evenals het toestel zelf natuurlijk). Ook is het voor de duidelijkheid aan te raden om altijd hetzelfde commando te gebruiken voor hetzelfde type toestel. Bijvoorbeeld wanneer een hond over iets moet springen in de hoogte zeg je hoog, moet de hond echter breed springen zeg je breed enz, enz.
Hieronder vind je de toestellen en hun stemcommando's. Om het handelen van je hond echt onder de knie te krijgen raad ik je aan om op cursus te gaan bij je in de buurt. Let wel op: Heb je een groot ras, ga dan niet bij kleinere rassen trainen. Dat frustreert je alleen maar. Dit komt doordat kleinere rassen gewoonweg veel wendbaarder zijn en daardoor de grotere rassen nauwelijks kans maken op de winst wanneer je eens een onderling wedstrijdje hebt.
Band (commando = band)
Diameter inwendig : min. 38 cm. - max. 60 cm.
Afstand bodem tot middelpunt van de hoepel : L = 80cm. - M en S = 55 cm.
Om veiligheidsredenen moet het onderste gedeelte van de hoepel dicht zijn. De hoepel moet in hoogte regelbaar zijn door middel van kettingen of koorden; vaste bevestigingen zijn uitgesloten.
Opdat de hoepel stabiel zou zijn (kantelen vermijden) wordt de basis gevormd door planken op de grond van ongeveer 2 m. lang.
Hoogtesprong of horden (commando = hoog)
Enkelsprong : Hoogte : Large=55 à 65cm. Medium=35 à 45cm. Small=25 à 35 cm.
Breedte : minimum 120cm. Tussen de zijstukken mogen de horden op verschillende manieren opgebouwd ttz. Met latten of volle of open panelen of haag, waarboven dan telkens wel een lat moet voorzien zijn die afgesprongen kan worden.
Dubbelsprong : deze wordt verkregen door samenvoeging van twee horden die in oplopende volgorde worden geplaatst met een onderling hoogteverschil van 15 à 25 cm.
De hoogste en achteraan geplaatste horde op een hoogte van : L=55 à 65cm. - M=35 à 45cm. - S=25 à 35cm.. De max. totale lengte (diepte) is L=55cm. - M=40cm. - S=30cm.
De latten hebben een diameter van 3 à 5 cm. En de kleuren zijn fel contrasterend met de omgeving.
Breedtesprong (commando = breed)
Wordt samengesteld uit licht hellende, achter elkaar opgestelde elementen (2 tot 5) om alzo een sprong te bekomen in een lengte van :
L = 1.20 à 1.50 m.(4 - 5 elementen) - M = 0.70 à 0.90 m. (3 - 4 elementen) - S = 0.40 à 0.50 m (2 elementen). Breedte van de elementen : 1.20 m.
Hoogste element : 28 cm. - laagste element (altijd vooraan) : 15 cm.. Dikte van de elementen : 15 cm.
De vier hoeken van het toestel moeten afgebakend worden met paaltjes van ong. 1.20 m. hoog. Zij staan los van de elementen en voor de veiligheid van de hond en de geleider zijn de bovenkanten afgeschermd.
Paaltjes (commando = paaltjes)
Een aantal paaltjes (8, 10 of 12) van onbuigzaam materiaal en met een diameter van 3 à 5 cm. en een hoogte van 1 tot 1.20 m. De afstand tussen de paaltjes = 50 tot 65 cm. ( op het WK is deze afstand altijd 60 cm.)
Schutting (commando = over)
Samengesteld uit twee elementen die onder een hoek tegen elkaar opgesteld worden.
Breedte : 90 cm., onderaan mag de breedte 1.15 m bedragen
Hoogste punt vanaf de grond : L=1.90m en onder een hoek van 90° - M en S = 1.70m. (hoek vergroten).
De hellende vlakken zijn voorzien van latten, geplaatst op regelmatige afstanden (ongeveer elke 25 cm) om het klimmen te vergemakkelijken en het wegglijden te vermijden. Deze klimlatten zijn 2 cm. breed en 5 à 10 mm. Dik - de zijkanten zijn gebroken of afgerond.
Aan de onderkant van de hellende vlakken worden contactvlakken geschilderd (op de boven- en zijkanten van de planken) van 106 cm. lang, vanaf de grond gemeten. De klimlatten blijven tenminste op 10 cm. van de grens van deze contactvlakken.
De "nok" van de dakschutting mag geen enkel gevaar opleveren voor de honden, indien nodig wordt een bescherming (overlapping) uit rubber aangebracht.
Slurf (commando = door)
De ingang wordt gevormd door een onbuigzame tunnel van ong. 90cm lang, een hoogte van 60 cm. en een breedte van 60 à 65 cm. De uitgang is van zacht soepel materiaal met een lengte van 2,5 tot3,5 m. en een diameter van 60 tot 65 cm. Wanner mogelijk moet de uitgang vastgemaakt worden waarbij de bevestigingen ongeveer 50 cm. uit elkaar worden geplaatst.
Tunnel (commando = door)
Inwendige diameter ongeveer 60 cm. Lengte : 3 tot 6 meter.
Een flexibele buis zodat het mogelijk is om één of meerdere bochten te kunnen maken.
Wip (commando = over)
Breedte : 30 à 40 cm. Lengte : min. 3.65 m. - max. 4.24 m.
Hoogte van het centraal draaipunt, vanaf de grond gemeten, is gelijk aan 1/6 van de lengte van de plank (voorbeeld : L=3.65m. H= 60 cm. of L=4.25m. H=70cm.)
De wip moet stabiel zijn en voorzien van een antisliplaag maar klimlatten mogen niet voorzien worden. Met een gewicht van 1 kg. Aan het uiteinde moet de wip binnen 3 tot 4 seconden gekanteld zijn. Is dit niet het geval, dan moet het toestel aangepast worden.
Aan de uiteinden van de plank worden contactvlakken geschilderd ( op boven- en zijkanten van de plank) van 90 cm. lang, vanaf de uiteinden gemeten.
Muur (commando = over)
Hoogte en breedte : idem als de hoogtesprongen. Dikte 20cm.
Vol paneel of een paneel waarin 1 of 2 openingen zijn in de vorm van een tunnel. Boven op de muur worden afwerpbare elementen geplaatst.
Tafel (commando = tafel)
Oppervlakte : min.90 x 90cm.-max.120 x 120cm. Hoogte : L=60cm.-M en S = 35cm.
Zij moet stabiel zijn en het blad moet voorzien zijn van een antislip materiaal.
In het blad kan een elektronisch aftelmechanisme, met na 5 seconden een hoorbaar signaal, gebouwd worden dat gevoelig is over de gehele oppervlakte behalve in een band van 10cm. Breed langs de omtrek.
Katteloop (commando = over)
Hoogte : min. 120cm. - max. 135cm. Breedte van de loopplank 30 à 40 cm.
Lengte van elk element : min. 3.60 m. - max. 4.20 m.
Het klimmend en afdalend gedeelte is voorzien van latten, geplaatst op regelmatige afstanden (ongeveer elke 25 cm.) om het klimmen te vergemakkelijken en het wegglijden te vermijden. Deze klimlatten zijn 2 cm. Breed en 5 à 10 mm. Dik - de kanten zijn gebroken of afgerond.
Aan de onderkant van de hellende gedeelten worden de contactvlakken geschilderd (op de bovenkanten en de zijkanten van de planken) van 90 cm. lang, vanaf de grond gemeten. De klimlatten blijven tenminste op 10 cm. van de grens van deze contactvlakken.
| < Vorige | Volgende > |
|---|






